Een eeuw lang actief voor Hoorns erfgoed

Een veel gestelde vraag

Door wie en wanneer is de volière aan de Pakhuisstraat gemaakt?

Het initiatief tot het oprichten van een volière in Hoorn werd genomen door Klaas Bergsma in 1929. Hij was leraar aan een lagere school en afkomstig uit de Langedijk. Zijn vriend, amanuensis aan de Rijks Tuinbouw Winterschool, F. Jansen, betrok hij bij zijn plan. Samen bedachten zij, dat het plan gefinancierd kon worden door schoolkinderen te laten collecteren. Leerlingen van de Ambachtschool zouden het vogelhuis bouwen, zodat alleen de materiaalkosten bijeen gebracht moesten worden. Daarvoor dachten ze 1500 tot 1600 gulden nodig te hebben. Een voorlopig plan werd bij de gemeente ingediend. Die ging akkoord, omdat het plan door veel mensen gedragen werd: kinderen, ouders, familie, vrienden en onderwijzend personeel. Een ontwerptekening door onbekende maker kwam voor handen.

De collecte met de “volièrebusjes” bracht slechts 428,29 gulden op. In de Ambachtschool aan het Keern is inmiddels de leraar smeden en lassen, de heer Brouwer, met zijn leerlingen aan de constructie begonnen. In mei 1930 publiceert de krant er een afbeelding van. Ook wordt vermeld dat er definitief voor het “Vestplantsoentje” is gekozen als plaats waar de volière moet komen.

Er wordt aan de gemeente toestemming gevraagd en ook verkregen om een straatcollecte te houden. Dat levert 537,11 gulden op; weer teleurstellend voor het comité. Eind juni 1930 wordt ondanks alles tot een definitieve stichting besloten. Men verzoekt B&W om te zijner tijd de volière als geschenk te aanvaarden. Drie maanden later komt het advies van de bouwcommissie binnen.

Ondanks dat enkele particulieren wat geld doneren is er nog niet genoeg geld binnen. Men besluit de Hoornse verenigingen per brief om een bijdrage te vragen.

Op 12 februari 1931 wordt het volière voorstel aan de gemeenteraad voorgelegd. De heer Room (gemeentesecretaris) kondigde aan dat de gemeente wat vogels zou aanschaffen. De verkoop van zwanen (?!) zou dan de kosten moeten dekken. De verzorgingswerkzaamheden in de volière zou niet door de tuinbaas (plantsoenendienst) verricht moeten worden, maar door iemand die al een bijkomstige betrekking in gemeentedienst vervulde.

In maart gaat het besluit naar Gedeputeerde Staten en deze gaat snel akkoord. In mei staat de teller op 1371,40 gulden. Dat is nog ongeveer 200 gulden tekort. Ook zijn er giften in natura: voornamelijk sierduiven. De afdeling Hoorn van de vereniging van schilderspatroons biedt aan het geheel gratis te schilderen.

Dirk Tober van brandstoffenhandel “Gluck Auf” op het Nieuwland had een plan bedacht om de laatste gelden bijeen te brengen. Er werd een vergadering belegd in café Roemer met de buurtbewoners en middenstanders van het Nieuwland, het volièrecomité, Christelijke Muziekvereniging Crescendo en de Christelijke Voetbalvereniging Zwaluwen. Het voorstel was een voetbalelftal op te richten, Nieuwlandia te noemen. Het doel was een wedstrijd te houden tussen dit gelegenheidsteam en De Zwaluwen. De baten waren uiteraard voor de volière. De Hoornsche Courant publiceerde een prachtig artikel. Entreekaartjes kostten 20 cent en de voorverkoop ging van start. De wedstrijd zou plaats vinden op 21 juni 1931 op het terrein van de R.H.B.S. aan het Zwarte Padje.

De voorverkoop zag er al veelbelovend uit. Op de dag zelf waren bijna 2000 toeschouwers aanwezig.Crescendo maakte vooraf een rondgang door de stad gevolgd door beide elftallen.

Van gewoon voetbal, wist iedereen, zou geen sprake zijn. Het elftal Nieuwlandia had een bijna carnavaleske uitmonstering aan. Met veel theatraal gebaar en hard zwoegen werd het eerste doelpunt gemaakt door Nieuwlandia. Zwaluwen maakte na verwoede strijd de gelijkmaker. Na afloop verlieten de elftallen triomfantelijk het strijdperk achter Crescendo aan, maar nu in auto's.

De kas van de volière kon gespekt worden met 300 gulden! Van het overgebleven geld zou een marmottenhuis gebouwd worden. De bouwcommissie vond dit geen verfraaiing. Maar als het onvermijdelijk was, stelde de bouwcommissie voor om de gesloten achterkant van het “hok” met beplanting aan het oog te onttrekken. Het antwoord, gedateerd 3 juli 1931, was ondertekend door J.C. Kerkmeijer, voorzitter van de bouwcommissie en medeoprichter van de Ambachtschool.

Het marmottenhuis werd toch gebouwd ondanks klachten van bewoners van de Draafsingel. Ook werden enige struikjes aan de Vest geplant. De windwijzer die de volière bekroonde werd gesmeed door Brouwer in de smederij aan het Nieuwland van zijn voormalige leerling Jac Groot.
De Hoornsche Courant kon op 12 juli 1931 melden dat Hoorn een attractie rijker was.


De Volière zoals die er oorspronkelijk uitzag met links het marmottenhuis.

In 1950 werd de volière vervangen. De werkzaamheden werden verricht door personeel van Gemeentewerken en Plantsoenendienst op tijden, dat het "door weersomstandigheden het gewone werk niet kon verrichten".


De Volière voor de restauratie


Volière in 1993 tijdens restauratie

16 juli 1993 was opnieuw een belangrijke dag voor de volière. De volière werd op die dag opgeleverd na een grondige opknapbeurt.


Volière 2004

Met dank aan H. Bijhouwer,december 2012 .


<< Terug naar het gestelde vragen overzicht

 

Redactie "veel gestelde vragen": Diana van den Hoogen, Hoorn